Open brief: ‘Vrij en Vrolijk’ is dood en begraven. Het onrecht van toen niet.
Gepubliceerd oktober 2010.
Vrij en Vrolijk in Brasschaat: veel mensen herinneren zich ongetwijfeld de verhalen over wantoestanden en misbruik in deze voorziening voor ‘moeilijk opvoedbare kinderen’, zoals dat toen heette. Vrij en Vrolijk werd opgedoekt in de vroege jaren ’80, toen het wanbeleid aan het licht kwam. Vrij en Vrolijk is –terecht- dood en begraven. Maar het leed dat sommigen werd aangedaan, dat is er nog altijd. En dat blijft.
De overheidsvergunning van Vrij en Vrolijk werd overgenomen door onze voorziening: Diensten- en Begeleidingscentrum Openluchtopvoeding (OLO). Een andere organisatie, met een totaal ander beleid, dat willen we duidelijk stellen. Maar als ‘opvolger’ worden wij nog altijd geconfronteerd met het leed uit het verleden.
Wij willen dat niet uit de weg gaan. Omdat voor slachtoffers onrecht niet eindigt bij het opdoeken van een organisatie. Voor slachtoffers bestaat er geen verjaring. Daarom vinden wij dat ze nood hebben aan erkenning. Het verleden -het onrecht van Vrij en Vrolijk- ongedaan maken, dat kunnen we niet. Hoe graag we dat ook zouden willen. Maar we vinden het onze taak om, als zorgende organisatie, oog en oor te hebben voor slachtoffers, ongeacht hoe lang het geleden is dat hen pijn werd aangedaan.
Soms krijgen we vragen van bewoners uit de tijd van Vrij en Vrolijk. Mensen die hun verhaal willen doen, die de plek willen terugzien. Zo hadden we onlangs 2 mensen op bezoek die er hun jeugd hadden doorgebracht. De zwaarste tijd van hun leven, zeiden ze. Tientallen jaren later kwamen ze terug naar datzelfde domein. Het was emotioneel. Er kwam weer pijn en angst naar boven. En toch, zeiden ze achteraf, had het bezoek hen ook goed gedaan. Het feit dat ze hun verhaal kwijt konden, dat er tijd voor hen werd vrijgemaakt. Het feit dat ze met eigen ogen zagen dat zorg voor cliënten nu centraal staat. Het feit dat anderen niet meer moeten meemaken wat zij meemaakten….
Ook voor onze huidige bewoners en andere cliënten is het belangrijk te weten dat DBC Openluchtopvoeding niet ‘het vroegere Vrij en Vrolijk’ is. Integriteit, basisveiligheid, zorg op maat: het zijn kernwaarden voor onze medewerkers. Wij waken er over dat de kinderen, jongeren en volwassenen die ons zijn toevertrouwd, in veilige handen zijn. Via de wettelijke normen, uiteraard, en door eigen extra initiatieven.
Preventie is enorm belangrijk, maar sluit –helaas- niet alle risico’s uit. Dat weten wij. En daarom investeren we ook in nazorg. Loopt er, ondanks alles, toch iets fout, dan garanderen wij dat misbruik niet onder de mat geschoven wordt, dat slachtoffers de juiste zorg krijgen. Wij werkten daarvoor al samen met het gerecht, slachtofferhulp en kinderpsychiater Peter Adriaenssens.
Slachtoffers moeten gehoord kunnen worden, ook al is dat in het geval van zovelen -wraakroepend- pas al die jaren later.
Daarom willen wij slachtoffers van het vroegere Vrij & Vrolijk laten weten dat ze terecht kunnen bij de Centra voor Algemeen Welzijnswerk, zoals minister van welzijn Jo Vandeurzen al aanbeval. Vinden ze het moeilijk die stap alleen te zetten, dan willen wij hen ook tot bij die centra begeleiden. Dat hoort zo, vinden wij, voor een zorgende organisatie...
Jean-Pierre Van Baelen, gedelegeerd bestuurder